Home

 

Diabetesonderzoeken tijdens de beklimming van de Kilimanjaro in Tanzania

De Kilimanjaro Challenge komt al snel dichterbij. De 17 expeditieleden zijn druk bezig met hun voorbereiding om conditioneel in orde te zijn als ze op 10 oktober afreizen naar Tanzania. Doel is om met zoveel mogelijk deelnemers de top te bereiken. Daarnaast gaan ze verschillende medische onderzoeken uitvoeren die voor, tijdens en na de klim verricht worden. De onderzoeken hebben als doel om de invloed van conditie, inspanning en hoogte op diabetes te bepalen. Ook wordt er onderzoek gedaan naar de invloed van hoogte op een aantal diabeteshulpmiddelen. Tijdens de challenge zullen er 8 mensen met diabetes samen met 9 begeleiders naar de top van de hoogste berg van Afrika klimmen. Een van de leden van het begeleidingsteam is internist in opleiding Pieter de Mol (29). Hij heeft zelf ook diabetes.

Kilimanjaro Challenge als opstapje voor pilot study
Afgelopen jaar vatte Bas van de Goor het plan op om in oktober 2008 de Kilimanjaro in Tanzania te gaan beklimmen. “Mensen denken vaak dat je niet meer kunt sporten als je diabetes hebt. Dat is niet waar”. Vanaf het begin was hij zich er wel van bewust dat een goede medische begeleiding bij het behalen van deze topprestatie van groot belang was. Daartoe benaderde hij internist Henk Bilo van de Isala klinieken in Zwolle, die mogelijkheden zag voor meer dan alleen begeleiding. Bilo stelde voor om tijdens de beklimming onderzoek te doen naar de invloed van hoogte op verschillende aspecten, zoals op de betrouwbaarheid van bloedglucosemeters. Via die weg kwam Pieter de Mol ook in aanraking met de Challenge.

Het onderzoeksteam
Inmiddels bestaat het onderzoeksteam uit negen mensen. Internist Henk Bilo is hoofd van het begeleidingsteam. Pieter de Mol, internist in opleiding, zal zich richten op metingen rondom de glucosestofwisseling. Cardioloog in opleiding Suzanna de Vries doet als promovendus onderzoek naar hoogtefysiologie, en vooral naar de invloed van hoogte op het hart en de circulatie. En klinisch chemisch analist Marion Fokkert onderzoekt de invloed van hoogte op glucosemeetapparatuur. Samen zullen ze proberen verscheidene vraagstukken te beantwoorden. “Het hoofddoel van de Kilimanjaro Challenge 2008 is en blijft om met zoveel mogelijk mensen de top van de berg te bereiken en te laten zien dat met diabetes intensieve sporten heel goed mogelijk zijn. De onderzoeken zijn natuurlijk belangrijk, maar komen pas op de tweede plek”, zegt De Mol.
 
De voorbereiding
In april hebben alle expeditieleden een volledig medisch onderzoek gehad om te bepalen of ze gezond genoeg waren om aan de beklimming te beginnen. Diezelfde dag vonden de zeeniveautesten plaats. Alle deelnemers vulden een vragenlijst in over hun gezondheid, medicatiegebruik en sportactiviteiten. Ze kregen een fietsergometrie-onderzoek ter bepaling van het maximale inspanningsvermogen, een echografie van het hart en een lichamelijk onderzoek. Ook een bloedonderzoek behoorden tot de uitgangstesten op zeeniveau. Deze testen dienen een tweeledig doel; zowel voor de veiligheid als voor de wetenschap en aan de hand hiervan kregen de deelnemers een individueel trainingsschema ter voorbereiding op de expeditie. “De uitgangswaarde op zeeniveau die werden bepaald, worden onder andere vergeleken met de uitslagen van de testen op de berg.”

Drie onderzoeken op het gebied van diabetes
Acht leden van het negentienkoppig expeditieteam hebben diabetes type 1. Zeven van hen gebruiken een insulinepomp en één injecteert insuline middels een basis bolus schema. De belangrijkste onderzoeken worden dan ook in relatie tot vragen op het gebied van diabetes mellitus uitgevoerd. “Voor ons is het bijvoorbeeld belangrijk om te onderzoeken hoe betrouwbaar de bloedglucosemeters zijn op hoogte, aangezien op hoogte minder zuurstof beschikbaar is door de lagere luchtdruk (hypobare omstandigheden). Dit laatste kan de glucosemetingen verstoren.”
Voorafgaand aan de expeditie zijn verschillende meters getest. In de hypobare tank van de Nederlandse Luchtmacht op de luchtmachtbasis Soesterberg is de werking van deze meters onderzocht met veranderende percentages zuurstof in de lucht. “We willen natuurlijk de meest betrouwbare meters meenemen. Op deze manier is bepaald welke meters in oktober mee de berg op gaan.”
Naast de invloed op de meetinstrumenten, wordt ook de invloed van de hoogte op de mensen met en zonder diabetes op verschillende manieren onderzocht. De expeditieleden met diabetes zullen een continue subcutane glucosesensor gebruiken die draadloos communiceert met de insulinepomp. Het expeditielid dat geen insulinepomp gebruikt, draagt wel een sensor bij zich om de gegevens af te kunnen lezen. De op deze manier verkregen gegevens zijn direct al van belang om continu op de hoogte te zijn van de glucosewaardes, maar kunnen ook achteraf vergeleken en gecombineerd worden met de resultaten van andere metingen.
Deze gegevens zijn onder andere van belang voor het beantwoorden van een ander vraagstuk. Het is bekend dat mensen met diabetes tijdens het sporten minder insuline nodig hebben, doordat de glucoseopname in de spier verbetert. Maar mensen ondergaan ook hormonale veranderingen als zij zich op hoogte begeven. “Wij vragen ons af of de hoogte hierop van invloed is. En of de invloed bijvoorbeeld anders is bij mensen met dan bij mensen zonder diabetes.”

Meer dan onderzoeken naar diabetes
 
Hartritme
Naast apparatuur voor glucosemeting, zullen alle expeditieleden tijdens de beklimming ook een Holter monitor dragen. Deze monitor is een draagbaar ECG toestel om continu het hartritme te controleren. Dankzij deze monitor kunnen de variaties in het hartritme en eventuele stoornissen duidelijk in kaart gebracht worden. De onderzoeksgegevens van de mensen met en zonder diabetes zullen achteraf naast elkaar gelegd worden om te zien of bij mensen met diabetes mogelijk andere stoornissen optreden dan bij mensen zonder diabetes. Daarnaast zullen de deelnemers op 4600 meter hoogte opnieuw een echografie van hat hart ondergaan en zullen de resultaten van dit onderzoek vergeleken worden met die van de echografieën die in Zwolle op zeeniveau zijn gedaan.

Calorieverbruik
Alle expeditieleden krijgen om hun arm ook een recent ontwikkelde meter welke indirect het individuele energieverbruik registreert. “Het is niet duidelijk hoeveel calorieën mensen werkelijk verbruiken op hoogte omdat door de lage zuurstof druk inspanning al snel als zeer zwaar ervaren wordt. De meter combineert onder andere de gemeten lichaamsbeweging met de warmteproductie.” Uiteindelijk kan zo een inschatting worden gemaakt over hoeveel calorieën werkelijk worden verbruikt.

ProBNP en haematocriet
Tot slot zal bij de laatste stop vóór de top er bij ieder expeditielid bloed worden afgenomen. Door proBNP, een hormoon aangemaakt in de hartkamers, te bepalen, kan gezien worden of mensen neigen tot het ontwikkelen van hartfalen op hoogte. Daarnaast zal een aantal malen het haematocriet worden gemeten als maat voor eventueel over- of ondervulling. Over het algemeen verliezen mensen veel vocht op hoogte, waardoor er minder vocht in het lichaam zit om rond te pompen.

Vergelijken
Alle conclusies en resultaten van de verschillende onderzoeken zullen zoveel mogelijk ook met elkaar in verband gebracht worden. De onderzoeksresultaten van de expeditieleden met diabetes zullen ook vergeleken worden met de resultaten van de leden die geen diabetes hebben. “Hieruit zal moeten blijken of de invloed van hoogte op mensen met diabetes anders is dan op mensen zonder diabetes.” De Kilimanjaro Challenge in Tanzania vindt plaats tussen 10 en 26 oktober. De eerste onderzoeksresultaten worden verwacht in december.

 
 
 
 
 
 
 
Roy Derks in het nieuws
Bericht over Roy in Magazine Bloedsuiker - Herfst 2008 (pdf)

De ziekte, díe past zich maar aan
(AD - Diagnose, 5 september 2008)

Leven met diabetes als uitdaging
(De Maas Driehoek - editie Land van Cuijk, 5 augustus 2008)

Roy Derks beklimt de Kilimanjaro
(Diabetes & Leven, nummer 6, juni 2008)

Roy Derks en de Kilimanjaro Challange
(Bloedsuiker - zomereditie 2008)