"Abnormaal doen om normaal te kunnen leven"
Marco Bosman kreeg op zijn 27ste de diagnose diabetes type 2. Hij heeft de praktische zaken rondom zijn ziekte redelijk onder controle, maar zijn leven wordt voor een belangrijk deel beheerst door hypo’s. “Ik ben 24 uur per dag, 7 dagen per week bezig met de kans dat ik een hypo krijg.”
“In de periode na de diagnose kon ik mijn suikerwaarden nog op peil houden door mijn eet- en leefgewoonten aan te passen, maar na een jaar moest ik toch beginnen met het spuiten van insuline. Dat was erg wennen. Vooral omdat ik toen wist dat ik er niet meer vanaf zou komen en er mee moest leren leven.”
“Waar ik het meeste last van heb zijn de hypo’s”
“Ik startte met 100 eenheden per dag maar ik zit nu al op bijna 150. Dat meten en spuiten heb ik aardig onder controle, al hangt het nog wel af van omstandigheden. Als ik gestrest ben of als het in de zomer erg warm is, heeft dat direct effect. Daar moet ik echt rekening mee houden. Als ik er wel eens even iets te makkelijk mee omga, word ik direct op mijn vingers getikt door mijn eigen lichaam.”
“Waar ik het meeste last van heb, zijn de hypo’s als gevolg van het gebruik van insuline. Zo’n twee jaar geleden was het echt extreem, toen had ik er gemiddeld vier per week, soms zelfs wel drie op een dag. In het begin voelde ik hypo’s nog aankomen en kon ik zelf tijdig maatregelen nemen, door bijvoorbeeld druivensuiker te eten of een glas frisdrank te drinken. Maar dat gevoel ervoor verdween naarmate ik vaker hypo’s kreeg. Tegenwoordig word ik er meestal door overvallen.”
‘Ik rij graag motor en dat blijf ik doen’
“Als ik een hypo krijg, kan ik zelf niet meer logisch nadenken. Ik ben dan ook verschrikkelijk eigenwijs en wil dan niet luisteren naar mensen die me willen helpen. Ik moet dan echt gedwongen worden om iets te drinken of te eten. Aangezien ik met 1,93 meter vrij groot en fors ben, valt het niet altijd mee om mij aan het eten of drinken te krijgen. Mijn vriendin weet inmiddels wel hoe ze ermee om moet gaan. Maar op het werk of in het openbaar, dat is een stuk lastiger. Na een hypo heb ik het gevoel dat ik een aardige draai om m’n oren heb gekregen. Ik ben daarna echt een dag bezig om de boel weer een beetje op orde te krijgen.”
“Ik heb één keer een hypo gehad terwijl ik in de auto reed. Dat was behoorlijk angstaanjagend. Gelukkig heb ik zelf mijn auto op de vluchtstrook weten te krijgen. Toch laat ik mijn leven niet compleet vergallen door de kans op hypo’s. Ik rij graag motor en dat blijf ik doen. Dat geeft mij een groot vrijheidsgevoel. Ik neem dan wel alle mogelijke voorzorgsmaatregelen: ik meet goed van tevoren, neem dextro en brood mee en meet bij lange tochten ook nog een keer tussendoor. Oftewel ik doe abnormaal om normaal te kunnen leven.
‘Het spookt wel voortdurend door mijn hoofd’
“Soms is het, zeker na een hypo, nog wel eens moeilijk om positief te blijven. De hypo’s bij mij nog niet tot zeer ernstige situaties geleid, maar het spookt wel voortdurend door mijn hoofd. Stel dat ik er een krijg als ik op de motor zit? Stel dat het zover komt dat ik vanwege de hypo’s niet meer kan werken? Maar meestal kan ik er wel goed mee omgaan. Ik kan natuurlijk ook de hele dag achter het raam gaan zitten en denken ‘goh, wat ben ik zielig’, maar daar wordt het waarschijnlijk niet beter van.”
“Als je wel eens iets over diabetes leest, gaat het vaak over allerlei ernstige complicaties op de lange termijn. Hypo’s worden dan nog even in een bijzinnetje genoemd. Op die manier wordt er voorbijgegaan aan de impact die hypo’s hebben op het leven van mensen met diabetes! Het wordt echt tijd dat er een realistisch beeld wordt neergezet. Dan snappen mensen ook veel beter wat er aan de hand is op het moment dat je een hypo krijgt.”
Het lijkt alsof er kortsluiting in mijn hoofd ontstaat (pdf)
(DIABC themanummer april 2012)

"Dit had ik jaren eerder moeten doen"
Richard Hartman (1963) leefde al een paar jaar met diabetes toen hij met iemand aan de praat raakte over zijn dagelijks leven met de ongemakken van de chronische aandoening. Al vrij snel in het gesprek kreeg Richard toen de vraag waarom hij niet overging op insuline.
Ondanks de huivering bij de gedachte aan het prikken, stapte hij toch naar een internist. Nu spuit hij insuline en is daar dagelijks blij mee. “Ik kan iedereen in een vergelijkbare situatie aanraden insuline te gaan gebruiken.”
"Het is een enorme stimulans om weer gezond te gaan leven"
Changing Diabetes ambassadeur van de Atlas Challenge 2010, Hanneke Reijn (1967) uit Grootebroek. De apothekersassistente uit het West-Friese dorp heeft sinds 15 november 2007 diabetes type 2.
De diagnose maakte dat Hanneke haar leven tijdelijk drastisch veranderde. Volgens eigen zeggen stopte ze van de ene op de andere dag met alles wat lekker was. Maar sinds een jaar houdt ze niet meer zoveel rekening met haar diabetes. “Ik zie de Atlas Diabetes Challenge als een stimulans om juist weer wel gezond te gaan leven,” aldus de moeder van twee jongens.
"Verandering begint bij jezelf, je moet zelf overtuigd zijn van de noodzaak"
Als twintiger leefde Changing Diabetes ambassadeur van de Atlas Challenge 2010, Dennis Rosenbach (1974) er letterlijk op los. Zijn leven speelde zich voornamelijk af op het Leidse Plein, hij had veel overgewicht en ontwikkelde als gevolg hiervan diabetes, waar hij overigens nauwelijks rekening mee hield.
Dennis moest er dertig voor worden om in te zien dat het zo niet verder kon. Hij gooide het roer om en veranderde zijn leven ten goede, maar niet voordat hij door een heel diep dal ging. “Een verandering begint altijd bij jezelf. Je moet zelf overtuigd zijn van de noodzaak”, aldus Dennis.